Stedenbouwkundige vergunning voor Zelzaatse windturbine geweigerd
De gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar heeft op 27 maart 2001 de
aanvraag tot het oprichten van een windturbine door de VEM op de terreinen
van Jan De Nul in Zelzate geweigerd. De eerder afgeleverde milieuvergunning
komt hiermee te vervallen.
Met
deze beslissing halen de tegenstanders hun slag thuis en wordt Zelzate
behoed voor een miskleun die de leefkwaliteit in en om onze gemeente nog
maar eens negatief zou beïnvloeden. Het is dan ook onbegrijpelijk dat
burgemeester Schenkels, voorzitter van de VEM, de belangen van ‘zijn’
intercommunale laat primeren op het welzijn van ‘zijn’ inwoners.
CVP-fractieleider Martin Acke uitte reeds in de Zelzaatse gemeenteraad van
28 november van vorig jaar zware kritiek tegen de oprichting van een
solitaire windturbine door VEM/IVEG in het noorden van Zelzate. Hij sprak
zich duidelijk uit vóór milieuvriendelijke windenergie, maar stelde een
alleenstaande turbine in de directe nabijheid van het natuurreservaat
Canisvliet sterk in twijfel. Hij pleitte daarentegen voor deelname aan het
project Westenwind, dat een vijftigtal windturbines in de industriële
omgeving van de Gentse Kanaalzone vooropstelt. De gemeente Zelzate hoeft dus
op dit vlak geenszins haar verantwoordelijkheid te ontlopen.
Zie nieuwsbrief Zelzate@rem 1.05
Volledige tekst van de weigering van de stedenbouwkundige vergunning
Bouw van een windmolen in Zelzate door de VEM
Rekening houdend met de plannen van Westenwind is het verwonderlijk dat de
VEM in Zelzate reeds op eigen houtje van start gaat met de bouw van een
windmolen op het terrein van baggerfirma De Nul (tegen het vroegere
Tolkantoor). Dit project zou liefst 52 MF kosten en voor zowat 500 gezinnen
stroom kunnen leveren.
Op 26 juli
2000 gaf het schepencollege een positief advies voor de bouwvergunning van
deze mastodont waarvan de wieken liefst 130 meter hoog reiken.
Het college deed dit zonder vooraf voor de bevolking een openbare
hoorzitting te organiseren, iets dat verplicht is bij wet. Dit gebrek aan
openbaarheid zal er wellicht toe leiden dat een nieuwe bouwaanvraag zal
moeten worden gestart.
Op 10
oktober 2000 adviseerde het college ook de milieuvergunningsaanvraag
positief. Tijdens het openbaar onderzoek, afgesloten op 26 september, werd
enkel door de Werkgroep Behoud Canisvliet een bezwaarschrift ingediend,
betrekking hebbende op: 
- de vernieling van een deel van het bodemarchief
(resten van het fort Sint-Antoon uit de 16de eeuw)
(klik de foto hiernaast voor meer details)
- een
verdere toename van de horizontvervuiling
- de aantasting van de
landschappelijke beleving (polder-kreek-grens) voor recreanten
- de
vermindering van de landschappelijke waarde
- de aanvaringen
met vogels
- de ernstige verontrusting van broedvogels en
pleisterende ganzen
De
Werkgroep Behoud Canisvliet bedoelt hierboven met bodemarchief de restanten
van een fort uit de 80-Jarige Oorlog. Precies op de plaats waar de
windturbine zal worden gebouwd bevinden zich immers in de grond de
overblijfselen van het voormalig fort Sint-Antoon.
Deze materie is nooit ter sprake gekomen op de Zelzaatse Gemeenteraad. Ook
aan de milieuadviesraad werd geen standpunt gevraagd. Er is op 14 september
in het kader van de milieuvergunningsaanvraag wel een openbare hoorzitting
doorgegaan maar gemeenteraadsleden worden hierop niet specifiek uitgenodigd.
Bouw- en milieuvergunningen zijn weliswaar de bevoegdheid van het
schepencollege, maar gezien de mogelijke impact op de leefbaarheid van een
aantal inwoners uit het noorden van onze gemeente en de vrij zware
investeringen voor de gemeentelijke
intercommunale VEM, lijkt het de CVP-fractie toch vanzelfsprekend dat de
gemeenteraad in deze besluitvorming wordt betrokken.
Pas na tussenkomst van CVP-fractieleider Martin Acke startte het
gemeentebestuur met een openbaar onderzoek dat liep van 22 november tot 23
december 2000. We hebben echter sterke twijfels dat dit nog wettelijk kon.
Voor een uitgebreid dossier: klik de
foto van de windturbine