- Analyse diefstallen in woningen 01-01 tot 30-04-2003:
Het eerste kwartaal van 2003 verliep op dit vlak voor Zelzate gunstig: met “slechts” 19 inbraken (1,08 feit per 100 inwoners) scoorden wij duidelijk lager dan het gemiddelde van de zone. Moerbeke is hier koploper met 5,8 feiten per 100 inwoners.
- Verkeershandhavingsactieplan Snelheid:
In 2002 haalde onze politiezone het trieste record in het gerechtelijk arrondissement Gent met 9 dodelijke slachtoffers. Vooral snelheid lijkt voor minimum 14% aan de grondslag van de verkeersongevallen te liggen.
Er gebeurde dan ook diverse snelheidscontroles. In de periode maart tot december 2002 werden alleen al in Zelzate 2.900 voertuigen op snelheid gecontroleerd, waarbij 229 processen verbaal werden opgesteld en 2 rijbewijzen werden ingetrokken. Opmerkelijk is het zeer grote aantal snelheidsovertredingen dat begin maart bij referentiecontroles in de Kanaalstraat en op de Kennedylaan werden vastgesteld. Van de 1501 gecontroleerde wagens deden er maar liefst 65% een lichte en 4% een zware snelheidsovertreding. Zelzate zit hier dus duidelijk met een probleem.
- Overzicht capaciteitsaanwending lokale recherche van politie.
- Ongevallen GIS.
- Aanvragen voor afwezigheidstoezicht 01-01 tot 30-04-2003:
In voormelde periode werd binnen de zone 192 aanvragen ingediend, waarvan 32 in Zelzate.
- Agenda jaarvergadering FINEG d.d. 04-06-2003: met ondermeer jaarverslag 2002.
3. Antwoord gouverneur op klacht van Martin Acke voor achterhouden van informatie i.v.m. oprichting muziekacademie (op verzoek van CD&V-raadslid Martin Acke)
Tussenkomst van Martin Acke:
Het schepencollege stelde de gemeenteraad op 10 december 2002 voor om in Zelzate een filiaal op te richten van de Eeklose Academie voor Muziek - Woord - Dans. Daartoe vroeg het nog de dag voor bewuste raadszitting om de tekst van een overeenkomst met stad Eeklo goed te keuren en een machtiging te geven aan het schepencollege om deze overeenkomst te ondertekenen.
Alhoewel de CD&V-fractie de idee van een gemeentelijke kunstacademie op zich prima vindt, ja zelfs vragende partij is, protesteerde ik tegen de onvoorbereide manier waarop het college dit wilde invoeren. Teneinde de druk op te voeren om nog geen ondoordachte beslissing te nemen diende ik klacht in bij de provinciegouverneur, waarbij ik wees op de zeer magere inhoud van het dossier en het ontbreken van verslagen van overleg van voorafgaande gesprekken met betrokken actoren, waardoor het dossier volgens mij duidelijk nog niet rijp was voor een gemeenteraadsbeslissing. Uiteindelijk zwichtte het college voor mijn druk en werd de gemeenteraad gevraagd om enkel het principe van oprichting van een gemeentelijke academie goed te keuren om dan in een later stadium, met kennis van zaken, zich ten gronde kunnen uitspreken over de zaak. In die zin bekwam ik al louter met het indienen van de klacht aan de gouverneur hetgeen ik beoogde.
De gouverneur antwoordde naar gewoonte pas na 2 1/2 maanden op de klacht. In zijn antwoord stelde hij dat uit niets blijkt dat er nog andere documenten bestonden dan diegene die in het dossiertje zaten. Hij stelde wel vast dat het advies van de gemeentelijke cultuurraad niet was gevraagd, iets dat wettelijk verplicht is. Sta me toe op te merken dat de gouverneur hier zonder enige controle de bewering van het college volgt dat er niet meer gegevens waren. En in het verslag van de gemeenteraad staat zoals gewoonte amper serieuze motivatie. Als er inderdaad geen andere documenten bestonden dan stel ik me toch ernstige vragen bij de lichtzinnigheid waarmee het schepencollege tewerk gaat.
De gouverneur besloot niet op te treden tegen het besluit omdat uiteindelijk slechts een principebeslissing werd genomen voor oprichting van een filiaal van de muziekacademie. Tegelijk drong hij er op aan dat het schepencollege in een latere fase inderdaad een volledig dossier zal voorleggen, met ondermeer de documenten waarvan hiervoor sprake. Hier treedt de gouverneur me dan wel bij.
In die zin ben ik dus tevreden dat mijn klacht het beoogde resultaat tot gevolg had.
Ondertussen zijn we echter 6 maanden verder. Het einde van het schooljaar dient zich aan en ik meen dat het de bedoeling was om in september met dit filiaal te kunnen van start gaan. Mijn vraag aan het schepencollege is dan ook hoe ver het staat met dit dossier?
Ik herinner de raad aan mijn concrete vragen van de bewuste gemeenteraad van 10-12-2002:
1) Is er een toegevoegde waarde voor onze inwoners?
- Heeft u een idee van hoeveel inwoners momenteel academie muziek - woord - dans volgen buiten Zelzate?
- Welke actoren zijn er in Zelzate op dit vlak actief?
- Doen zij het slecht of goed inzake aantal leerlingen en kwaliteit?
- In hoeverre zal hun werking worden beïnvloed door de komst van een academie-filiaal?
2) Welke kosten brengt de oprichting van dit filiaal met zich mee?
- onderhoud, verwarming, verlichting en verzekering der gebouwen;
- telefoonkosten;
- didactisch materiaal (ondermeer piano);
- loonkosten voor toezicht en niet gesubsidieerde werkingskosten.
3) Dit initiatief zou gevestigd worden in de gemeenteschool in de Caluslaan. In welke lokalen wordt dit ingericht en hindert dit niet teveel de normale werking van de gemeenteschool?
4) De academie van Eeklo richt Muziek en Woord in, geen Dans. Vanwaar voor Zelzate de toevoeging Dans.
5) Werd het advies van de culturele raad en de jeugdraad van Zelzate ondertussen gevraagd en zo ja, hoe luiden deze adviezen?
Tot slot wens ik ook te vernemen of er intussen ernstig overleg is gepleegd met het bestaand initiatief Ars Musica? Zo ja: wat zijn de mogelijkheden of de problemen?
De burgemeester bleef zeer karig met zijn commentaar. Hij stelde dat het dossier nog in voorbereiding is en op de gemeenteraad zal worden gebracht wanneer het rond is. M.a.w. hij stelde op een weinig omfloerste manier dat de gemeenteraad zich hiermee niet te moeien heeft. Hij beweerde ook dat er reeds serieus gesproken is met Ars Musica. Op de vraag van Martin Acke wanneer dit gesprek er was geweest, antwoordde hij zowat 6 maanden geleden (dus voor de gemeenteraad van 10-12-2002!). Het is voor mij duidelijk dat er weinig of geen beweging is in dit dossier.
Halfuurtje van de burger:
a) Wilfried Pattyn vroeg, namens een groep inwoners van Debbautshoek, aandacht voor de geluidslast langsheen de R4 in Zelzate-West als gevolg van het toegenomen vrachtverkeer. Hij overhandigde aan alle fractieleiders een petitie die door 47 inwoners werd ondertekend.
Petitie tegen geluidsoverlast Zelzate West door verkeer R4
- Omdat onze wijk ook tot de bebouwde kom van Zelzate behoort
- Omdat het verkeer op de R4 achter onze huizen sterk is toegenomen
- Omdat dit toegenomen verkeer, vooral van vrachtauto's, geluidsoverlast veroorzaakt
- Omdat deze geluidsoverlast ontstaat door te hoge snelheid op een slecht wegdek
- Omdat deze geluidsoverlast onze nachtrust verstoort
- Omdat verkeerslawaai belet om van onze tuinen te genieten
- Omdat het zware verkeer ook trillingen veroorzaakt waarop de fundering van onze huizen niet berekend is
vragen ondergetekende inwoners:
1. de bouw van een geluidsmuur aan beide zijden van R4
2. vernieuwing van het wegdek met fluisterasfalt
3. snelheidsbeperking tot 50 km/uur in beide richtingen
4. snelheidsbeperking op de eerste plaats door structurele aanpassingen : één i.p.v. twee rijstroken, asverschuivingen...
5. kontrole op het naleven van de snelheidsbeperking
Aangezien de R4 een gewestweg is, heeft de gemeente niet veel armslag. "Het is de bedoeling dat het stuk R4 dat door Zelzate loopt ooit overgedragen wordt aan de gemeente. Pas dan kunnen we zelf maatregelen nemen ", zei burgemeester Schenkels. Hij beloofde bij de dienst Wegen van de Vlaamse Gemeenschap tussenbeide te komen voor plaatselijk herstel van het wegdek en de vraag te richten aan het ministerie voor een eenduidig snelheidsregime binnen de bebouwde kom van 50 km/u. Hij zou ook aandringen bij de politie voor meer snelheidscontroles.
b) De Caluwé Donald vroeg aandacht voor doortrekking van het fietspad op de oude spoorwegbedding naar Sidmar, voor de slechte toestand van de Finse looppiste in de omgeving van de Matexiwijk en vroeg of het normaal was dat de palen van verkeersborden werden gebruikt voor reclamedoeleinden.
De burgemeester antwoordde dat het inderdaad de bedoeling is om later de verbinding tussen Zelzate-Brug en Post 2 van Sidmar met elkaar te verbinden. Dit werk zal mede gefinancierd worden door Sidmar, Betoncentrale De Meyer, Sint-Jan-Baptist en het gemeentebestuur. Dit werk kadert in het Bovenlokaal Fietsroutenetwerk en zal kunnen rekenen op overheidssubsidies. De Finse looppiste werd tijdelijk verplaatst voor de tijdelijke betoncentrale wat niet wegneemt dat er steeds problemen zijn geweest met vandalisme. Niemand mag, tenzij hij een vergunning bekomt van gemeente of Vlaamse overheid, reclamepanelen bevestigen aan paaltjes van verkeersborden.
4. Last van werken in de Hans Kochlaan, Maurice Salzmannlaan, meer in het bijzonder de trillingen die worden waargenomen in de huizen (op verzoek van de heer Frank Bruggeman)
Pro memorie
5. Geluidsmuur (natuurlijke) ter hoogte van N49 -> Hans Kochlaan (op verzoek van de heer Frank Bruggeman)
Pro memorie
6. Erge geluidsoverlast voor de bewoners van de Heidelaan wegens werken op N49 en het uitblijven van maatregelen door het gemeentebestuur (op verzoek van de PVDA-fractie)
Pro memorie
7. Gevaarlijke situatie Assenedesteenweg (op verzoek van de PVDA-fractie)
Op 27 april gebeurde terug een ongeval in de Assenedesteenweg ter hoogte van de bocht met de Veldbrugstraat. De PVDA greep dit ongeval aan om een eerder voorstel van de GR van 26–09-2002 opnieuw te evalueren. De burgemeester stelde dat dit plan niet kon uitgevoerd worden ondermeer door de plaatsing van een nieuw bushokje door De Lijn.
Ook de CD&V vindt dat die gevaarlijke situatie moet worden aangepakt. Martin Acke vroeg of toestand ter plaatse ondertussen al bekeken in functie van een mogelijke wijziging van de verkeersregeling rond het Groenplein? Zie tussenkomst op GR 10-12-2002. Hij blijft stellen dat de inplanting van de fietsenstalling geen veilige oplossing mag in de weg staan. Zonodig moet dit verplaatst worden of moet er een ander type hokje komen.
In de rand van de discussie vroeg Martin Acke tevens dringende aanpak van de putten in het wegdek aan het kruispunt Assenedesteenweg met Tweede Gidsenlaan. De burgemeester beloofde dat dit nog dit jaar wordt hersteld.
8. Toestand van de gemeentelijke speelterreinen - bespreking (op verzoek van CD&V-raadslid Martin Acke)
Tussenkomst van CD&V-raadslid Martin Acke:
Een controlebezoek van Martin Acke aan de gemeentelijke speelpleinen op 28 en 29 april 2003 gaf een vrij goede indruk. Onderhoud van gazon en groenbeplanting bleken in orde te zijn op een aantal uitzonderingen na. Diverse problemen aan de toestellen die in het najaar werden gemeld blijken ondertussen opgelost te zijn. Waarvoor onze dank.
Toch dienen nog een aantal zaken aangepakt te worden, waarvan enkele punten de veiligheid aantasten. Ik verwijs hiervoor naar de bijlagen met foto’s en opmerkingen van de vijf locaties:
- speelplein Burgemeester Camille Leynlaan

- speelplein Warande

- speelplein Karperstraat

- speelplein Duivenlaan

- speelplein Hoogbouwplein

In februari van vorig jaar heeft de gemeente een risicoanalyse laten uitvoeren op de uitrusting van alle gemeentelijke speelterreinen. Zie punt 16 van de agenda van deze gemeenteraad. Het is onaanvaardbaar dat na meer dan een jaar nog een aantal dringend of zeer dringende gebreken niet werden hersteld. De CD&V-fractie is dan ook tevreden dat - na onze tussenkomst - nu eindelijk een aantal concrete herstellingen aan de goedkeuring van de gemeenteraad worden voorgelegd. Wij zullen ze goedkeuren maar er tevens over waken dat zij niet op de lange baan worden geschoven. Daarvoor zijn onze kinderen te waardevol.
Naast voornoemde opmerkingen kreeg ik ook een aantal concrete voorstellen van inwoners toegestuurd. Graag zag ik dat het schepencollege de haalbaarheid onderzoekt en de gemeenteraad van de resultaten van dit onderzoek op de hoogte stelt.
- Hoogbouwplein: verharding van een stukje terrein en plaatsing van een basketbaldoel
- Karnemelkpolder: zuiver maken van de zandbak, lijnen schilderen op speelveld, plaatsen van minivoetbaldoelen en een schommel voor kleine kinderen
- aanleg en onderhoud van hondentoiletten aan de diverse speelpleinen en parkjes
Blijkbaar werd het schepencollege ook vroeger al benaderd met het voorstel om op een braakliggend terrein aan de Livien Danschutterstraat, een buurt waar tegenwoordig veel kleine kinderen wonen, een speelpleintje in te richten. Hoe zit het met dit voorstel? De CD&V-fractie vraagt dat het schepencollege onderzoekt of een stuk van dit privé-terrein kan worden afgehuurd en of de oprichting van een aantal speeltoestellen hier kan worden overwogen.
De burgemeester stelde dat de instandhouding van de speelpleintjes handenvol geld kosstte, ondermeer door de verplichte wettelijke controles. Er wordt prioriteit gegeven aan het oplossen van de veiligheidsproblemen die werden opgemerkt bij de veiligheidsanalyses bij de bestaande toestellen. Zie verder op de agenda.
n zijn antwoord van 09-04-2002 stelde het schepencollege dat geen gemeentelijke controle had plaatsgevonden omdat de gemeente niet verwittigd was geworden. De nutsmaatschappijen werden als gevolg hiervan aangeschreven om hun op de standaardafspraken te wijzen. Tegen uiterlijk 12 april 2002 zou het voetpad worden hersteld. In zijn nota van 22 april 2002 stelde Ive Schatteman, adjunct-controleur technische dienst dat mijn opmerking over het slechte herstel van het voetpad terecht was en dat VEM op de hoogte was gesteld. VEM zou dit melden aan zijn onderaannemer en het probleem opvolgen. Het schepencollege van 22-04-2002 nam hiervan kennis. Het schepencollege behandelde dit op 30-04-2002, waarop nogmaals belofte van herstelling.
Dit werd ook gemeld op het groepscomité VEM van 17 mei 2002. In het verslag staat dat aan de herdallering gevolg wordt gegeven.
Op 6 november sprak ik de burgemeester van het uitblijven van een oplossing… met een e-mailtje naar VEM tot gevolg, maar geen herstelling. Ondertussen had ik op het gemeentehuis ook gemeld dat er sprake was van lichte verzakking van het wegdek. Ook op het groepscomité van 23 december 2002 heb ik dit nog eens gemeld en aangedrongen op snellere actie… wat werd vermeld in het verslag van de vergadering… echter tevergeefs.
Tot er op 26 maart 2003 een e-mailtje binnenloopt met een nietszeggend antwoord van VEM. De herstelling staat nog geen stap verder. Integendeel VEM zou beweren dat de verzakking op een plaats zou zijn waar zij niet hebben gewerkt.
Ten einde raad breng ik dit dossier op de gemeenteraad om dit onaanvaardbaar gebrek aan klachtenopvolging van VEM aan de kaak te stellen. Als het voor mij als gemeenteraadslid niet lukt, dan vraag ik me af hoe de gewone burger wordt behandeld. Het helpt blijkbaar ook niet dat de burgemeester voorzitter van de VEM is.
Mijn vraag is dat het gemeentebestuur de VEM formeel in gebreke stelt en degelijke herstelling van het voetpad eist, en bovendien de mogelijke gevolgen van de verzakkingen op termijn laat onderzoeken en zo nodig herstellen.
>>> zie bijlage met foto’s en opmerkingen
De burgemeester is ter plaatse gaan kijken en zegt dat er weinig te zien is. Hij ontkent niet dat er soms problemen zijn met slechte herstelling van wegdek en voetpaden door aannemers, maar hij vindt dat de aangeklaagde herstelling in de Leegstraat zelfs één van de betere is. Toch wel verwonderlijk dat de technische dienst wel het probleem erkende. Martin Acke wees erop dat een verzakking van 4 cm niet niks is en wijst op een open ruimte onder het wegdek. Deze fout van de aannemer kan later resulteren in ernstige kosten voor de gemeente. Besluit: de burgemeester weigert dit probleem aan te pakken. Het is bovendien duidelijk dat hij het als voorzitter van de VEM moeilijk heeft met kritiek op 'zijn' bedrijf, terwijl hij in eerste instantie zou bekommerd moeten zijn over de gemeentelijke financiën.
11. Organisatie uitrukken van brandweerpersoneel en verhaling kosten op de inwoners - bespreking (op verzoek van CD&V-raadslid Martin Acke)
Tussenkomst van Martin Acke:
Aangezien het impact en de werklast van een uitruk soms moeilijk op voorhand kan worden ingeschat, noodzaakt dit bij een vrijwilligersbrandweerkorps tot het organisatorisch inbouwen van een aantal reserves bij het oproepen van personeel. Dit is begrijpelijk. Anderzijds kan deze reserve, wanneer die uiteindelijk niet nuttig wordt ingezet, voor zware financiële gevolgen zorgen naar de inwoner, zeker als het over interventies gaat waar de verzekering niet in tussenkomt. Er moet dus een systeem van beperking van het aantal manschappen of een systeem van terugsturen worden ingebouwd. Wat karweien betreft bestaat er een systeem van oproepen van de manschappen dat me niet helemaal duidelijk is, maar waarbij, afhankelijk van het soort interventie (interventie – karwei – oefening - …), naar een evenwicht zou worden gezocht tussen vorige twee uitgangspunten.
Het grondreglement van de brandweer is geschreven voor de brandweer en voorziet een aantal financiële loongaranties voor de brandweerlui (weddeschalen – toeslag voor nacht- en zondagwerk - interventie minimum twee uur betaald + afronding naar 1 uur van elk begonnen uur). Naar garanties voor het maximaal beperken van de interventiekost naar de inwoners toe scoort dit grondreglement echter zeer zwak.
In bepaalde situaties bestaat er een serieuze discordantie tussen ingezette mankracht en materiaal van de brandweer en de grootte van een werk. Ik meen dan ook dat het belangrijk is voor iedereen dat dit maximaal wordt vermeden. De belastingbetaler heeft immers recht op een zo efficiënt mogelijke dienstverlening tegen een zo goedkoop mogelijke vergoeding. Helaas blijkt dit bij sommige interventies regelmatig eens mis te lopen, met discussies of betwistingen van facturen en ontevreden inwoners tot gevolg.
Daarnaast dient ook de procedure van invordering van de retributies en instellen van een eventuele gerechtelijke vervolging worden geëvalueerd. Ik heb de indruk dat die niet steeds op consequente wijze wordt gevoerd. De manier van in gang zetten van de brandweer kan verschillen. Zo kan die getriggerd worden door verwittiging door een inwoner van het gemeentehuis, de brandweer zelf, de politie, of het noodnummer 100. Zeker wanneer de openbare diensten hierin tussenkomen meen ik dat de burger recht heeft op een rechtvaardige behandeling, die waar mogelijk, rekening houdt met de situatie, de aard en de ernst van de vaststelling of de hulpvraag. Is het niet de bedoeling vooral preventief en pas dan repressief op te treden?
U zult met mij akkoord gaan dat de brandweer anders dient te reageren bij een huisbrand dan bij een barbecueparty waarbij de rook de buren hindert, dat de brandweer meer middelen moet inzetten bij de ontdekking van een chemisch stort dan bij een lekkend potje teer van 2,5 liter. Het argument dat de brandweer steeds van de ergste situatie moet uitgaan kan slechts in uitzonderlijke gevallen worden ingeroepen, maar zeker niet wanneer een duidelijke omschrijving van de reden van de oproep wordt gegeven door diegene die de oproep doet, en zeker niet wanneer dit gebeurt door een gemachtigd persoon zoals een politieagent of een milieuambtenaar die zich ter plaatse van het feit bevindt.
Het is bovendien een cruciale opdracht voor de ontvanger van de oproep in de brandweerkazerne dat deze via een procedure met gerichte vraagstelling een goed beeld tracht te krijgen van het probleem, teneinde een juiste oproep naar manschappen en materiaal te waarborgen.
Wanneer zou blijken dat het grondreglement en de praktische organisatie van de brandweer bij een duidelijke probleemstelling regelmatig aanleiding zouden geven tot onredelijk zware inzet van mannen en middelen met hoge aanrekeningen aan inwoners als gevolg, dan moet dat reglement of die organisatie worden aangepast. Ik vraag dan ook dat brandweerdienst en/of schepencollege de gemeenteraad een voorstel doen om dergelijke toestanden te voorkomen.
Tot slot heb ik ook sterke indicaties dat ook bij de administratieve handeling van de facturatie het al eens mis gaat. Recent vroeg het OCMW om op haar facturen voor brandweertussenkomsten een telefoonnummer van de gemeente te mogen zetten voor vragen naar inlichtingen. Waarom? Omdat er regelmatig betwistingen zijn. Omdat de interventiefiches van de brandweer al eens een onduidelijkheid of onjuistheid bevatten. Ook het grote verloop van personeel binnen de gemeentelijke administratie is niet bevorderlijk voor een correcte afhandeling van de brandweerfacturen.
In de geheime zitting aan het eind van deze gemeenteraad zal ik een praktisch voorbeeld geven van een dergelijke overtrokken situatie waarvan niemand uiteindelijk beter wordt. Integendeel.
De burgemeester benadrukte dat de brandweer een veiligheidsdienst is en zich niet in eerste instantie de financiële gevolgen van een interventie moet afvragen. Hun opdracht is zich zo vlug mogelijk naar de plaats van het onheil begeven. Hij schetste de drie systemen van organisatie van de brandweeruitrukken: twee ploegen (van 8 man) bij brand, één ploeg bij kleinere interventies/karweien (eventueel aangevuld met extra oproep wanneer onvoldoende mensen beschikbaar blijken) en twee man voor wespenbestrijding. Dit kan bij kleine karweien inderdaad leiden tot een aanwezigheid van maximaal 8 (betaalde) personen. En het statuut voorziet een minimum-vergoeding van 2 uren per uitruk voor het personeel dat tot de ploeg van dienst behoort. In de praktijk is de opkomst echter meestal beperkter. Hij wees erop dat er vroeger steeds een algemene oproep was en dat de situatie sedert het invoeren van het ploegen-oproepsysteem een paar jaren terug veel is verbeterd.
Hij stelde dat bij de interventie, die in de geheime zitting in detail zal worden besproken, toevallig wel veel repons was op de oproep en dat uiteindelijk 7 personen en twee voertuigen zijn ingezet. Schenkels poneerde dat het sluikstort dat de aanleiding was voor die uitruk een crimineel feit was en dat de gemeente toch niet moet opdraaien voor de kosten dat dit met zich meebracht.
Martin Acke trok het criminele aspect in twijfel en reageerde door te verwijzen naar de beperkte omvang van voornoemde specifieke interventie en de onevenredige inzet van mankracht en middelen, zelfs nadat twee bevoegde personen (een politieagent en een brandweeronderofficier) vooraf ter plaatse de schade en het risico hadden vastgesteld. De onterechte uitruk van een te groot aantal manschappen hypothekeert niet alleen hun beschikbaarheid voor zwaardere interventies, maar geeft dikwijls aanleiding tot onbegrip bij de bevolking. Ook de brandweermensen krijgen hiervoor soms kritiek van de bevolking en zijn daarmee niet gediend.
Burgemeester Schenkels verviel in zijn aloude intimidatie-gewoonte en sneerde naar Martin Acke dat hij beter respect zou opbrengen voor de brandweer in plaats van ze te bekritizeren, waarop die antwoordde wel degelijk veel respect op te brengen voor de vrijwillige brandweer. Het is via deze bespreking niet de bedoeling commentaar te leveren op de prestaties van de brandweermensen, ook niet bij deze specifieke interventie. De bekommernis is om via aanpassing van de organisatie tot een meer evenredige inzet van mankracht en middelen te komen dan nu soms het geval is. Blijkbaar geeft het huidige organisatiemodel hiervoor te weinig mogelijkheden. Bovendien heeft de bevolking recht op een correcte facturatie.
Uiteindelijk kon de burgemeester niet anders dan toegeven dat zich hier een aantal problemen stelden. Wordt ongetwijfeld vervolgd.
12.Brandweer - openstelling betrekking kapitein
Er wordt bij de Zelzaatse vrijwillige brandweer een betrekking van kapitein bij bevordering open verklaard. Kandidaten moeten houder zijn van de graad van luitenant of onderluitenant en tenminste 3 jaar graadsanciënniteit tellen, houder zijn van het brevet officier en houder zijn van het brevet technicus-brandvoorkoming.
Binnen het korps komt waarnemend bevelhebber Luitenenat Patrick Sleeuwaert hiervoor als enige in aanmerking.
13. Rekening 2002
Tussenkomst van Martin Acke:
De CD&V-fractie zal zich onthouden bij de goedkeuring van de jaarrekening 2002, omdat nog maar eens blijkt dat de meerderheid geen ernstige begrotingen voorlegt. Alles wordt in het werk gesteld om de financiële chaos waarin de gemeente zich bevindt te verdoezelen. Elk jaar opnieuw wordt de begroting dermate opgesmukt tot ze zogezegd sluitend is. De rekening 2002 brengt dit bedrog echter haarfijn aan het licht en bewijst dat veel van de kritiek die de CD&V-fractie op de begroting 2002 formuleerde terecht was.
Een overzicht van de grootste afwijkingen t.o.v. de begroting:
a) De begrotingsrekening:
- Gewone dienst (gewone alledaagse uitgaven en inkomsten):
Het dienstjaar 2002 vertoont een begrotingstekort van € 267.948,70 op de gewone dienst. Dit is ongeveer € 137.000,00 minder negatief dan de raming waarvan werd uitgegaan bij de begrotingsopmaak voor 2003 en schept daardoor wat extra ademruimte voor het lopende jaar.
Een aantal opvallende oorzaken hiervan:
Hogere uitgaven:
- Een aantal personeelskosten in de algemene administratie en de technische dienst werden slecht begroot en vielen hoger uit.
- Overschrijding van de voorziene uitgaven voor begeleiders en monitoren van activiteiten van de jeugd- en sportdienst.
Lagere uitgaven:
- Er werd in 2002 slechts 28% van de geplande leningen opgenomen (747 k€ van de 2.669 k€) omdat de aangekondigde investeringen niet werden uitgevoerd. Uiteraard dient daarvoor dan ook geen aflossing en intrest te worden betaald.
- Voor Zelzate blijken de politie-uitgaven voor 2002 lager uit te vallen dan initieel geraamd.
- Er werd 10% bespaard op werkingsmiddelen voor de technische dienst. Besparingen op dit vlak komen het algemeen onderhoud van de gemeente niet ten goede.
- De functie van stedenbouwkundige ambtenaar is nog niet ingevuld.
Hogere inkomsten:
- Grotere tussenkomst van de andere gemeenten voor de brandweerwerking
- Grotere overheidstoelagen voor politie dan gepland
- Meevallende opbrengst van de milieubelasting, drijfkrachtbelasting, aanvullende personenbelasting
- Onvoorziene inkomst van belasting op slibstort
Lagere ontvangsten:
Uit de rekening blijkt dat bij de zuivere gemeentelijke belastingen in 2002 een systematische overraming werd ingeschreven om de begroting sluitend te maken. De rekening 2002 bevestigd mijn kritiek van vorig jaar op dit vlak. Maar liefst 250 k€ van die gemeentelijke belastingen, zowat 25%, werd niet ontvangen. Dit is echter al beter dan het jaar daarvoor: toen was dit 45%.
- Zo was de invoering van betalend parkeren in centrum voor 2002 niet realistisch maar werd toch ingeschreven.
- Het niet tijdig inkohieren van de vennootschapsbelasting waardoor deze ontvangst verschuift naar 2003.
- Lagere toegangsgelden, inkomsten en terugvorderingen bij ontspannings- en sportactiviteiten. De indruk bestaat dat er nogal royaal omgesprongen word met gemeentelijk geld bij de activiteiten van sportdienst en feestcommissie. Martin Acke zal een financiële controle doen bij deze beide instanties.
- Afrekening van de verkoop van water nog niet rond
- Buitengewone dienst (investeringen en buitengewone inkomsten of uitgaven):
Het dienstjaar 2002 vertoont een begrotingsoverschot van € 188.589,41 op de buitengewone dienst. De voornaamste reden is dat de meeste investeringen gewoonweg niet werden uitgevoerd in 2002:
Bijvoorbeeld:
- aankoop van parochiezaal Debbautshoek
- verkoop van de pastorij Debbautshoek
- bouw nieuwe uitrukhal brandweerkazerne nog niet uitgevoerd
- verbouwing containerpark nog niet uitgevoerd
- de investeringen i.v.m. wegenwerken werden niet realistisch begroot: slechts 31% werd gerealiseerd.
- nog geen verkoop van de gronden van het voormalig zwembad in de Chalmetlaan
- Boekhoudkundig resultaat:
Het boekhoudkundig resultaat van het dienstjaar 2002 is eveneens negatief voor de gewone dienst (€ 81.600,75) en positief voor de buitengewone dienst (€ 3.597.594,83).
b) De resultatenrekening 2002:
Het batig resultaat van het boekjaar bedraagt € 26.997,00.
Uiteindelijk keurden alleen SP.A-ZOW de rekening goed. Alle andere partijen onthielden zich.
14.Investeringswerken openbare verlichting Sint-Sebastiaanstraat
Pro memorie
15.Jeugdwerkbeleidsplan 2002-2004 - jaarplan 2003
Pro memorie
16.Aanpassingen aan speeltuigen ingevolge risicoanalyse
Pro memorie
17.Vervangen/aanpassingen aan speeltuigen scholen n.a.v. risicoanalyse
Pro memorie
18.Algemene gemeentebelasting op de gezinnen - aanpassing
Pro memorie
19.Aanpassingswerken containerpark - goedkeuring ontwerp
Pro memorie
Voor het vervolg van de agenda: zie gemeenteraadszitting van donderdag 05-06-2003.